16 december 2025
“Voorzorgcirkels raken aan de kern van het mens-zijn”
Hoe zet je een voorzorgcirkel op? Dat is niet moeilijk, maar je moet wel goede afspraken maken. En: je moet die eerste drempel over. Want het kan spannend zijn om mensen in de buurt hierover te benaderen. De Seniorencoalitie organiseert in samenwerking met Nederland Zorgt voor Elkaar praktijktrainingen. Een verslag van de training in buurthuis De Enk in Zwolle. Het is volle bak met maar liefst 45 deelnemers.
De training (of: ‘Atelier’) wordt gegeven door Willemijn Krol. Ze is één van de 3 MogelijkMakers van Nederland Zorg Voor Elkaar. NLZVE is de landelijke netwerkorganisatie van bewonersinitiatieven in welzijn, zorg en wonen. De organisatie helpt iedereen die een voorzorgcirkel wil beginnen.
Het begon in Wanroij
Willemijn vertelt dat NLZVE zich sinds medio 2024 bezighoudt met voorzorgcirkels. “Ze zijn bedacht
door Henk Geene, inwoner van Wanroij (Land van Cuijk). “Toen Henk een kleine jongen was, stonden er in één straat 6 boerderijen waar 73 kinderen woonden. Nu wonen er 6 kinderen. Toen ik dat hoorde, dacht ik: ‘Dít is dus vergrijzing’. Het geeft de urgentie aan van voorzorgcirkels, want we krijgen steeds meer ouderen en steeds minder verzorgenden. Naar elkaar omzien is daarom geen luxe, maar noodzaak.”
Het mooie van voorzorgcirkels is, dat het raakt aan de drie waarden die voor elk mens belangrijk zijn: autonomie (zelf kunnen kiezen), verbondenheid (in contact zijn met anderen) en ertoe doen (iets betekenen voor een ander). “In de verzorgingsstaat hebben we van veel gewone dingen in het mensenleven, professionele handelingen gemaakt. Met de voorzorgcirkels komen we weer terug bij de kernwaarden van het mens-zijn.”
Netwerken van 10 tot 15 mensen
Voorzorgcirkels zijn netwerken van 10 tot 15 mensen die afspreken elkaar te helpen. “Maak de cirkel niet te klein (voor draagkracht) en niet te groot (zodat het verantwoordelijkheidsgevoel verloren gaat). Je spreekt af wat je wel en niet doet. Dat kan van alles zijn. Zoals boodschappen doen, koken, mee naar de dokter, klusjes in huis of gezellig op de koffie. “Voorzorgcirkels zijn niet bedoeld om de professionele zorg over te nemen. Maar stel dat iemand verpleegkundige is geweest: waarom niet?”
Willemijn geeft tips: “Zoek je mensen in de buurt, zodat je elkaar leert kennen en makkelijk helpt. Ja, ook mensen die je niet zo goed liggen; dat hoort erbij. Ten tweede: meedoen is vrijwillig, maar niet vrijblijvend. Stap dus alleen in als je dat zelf graag wilt. Als je het doet vanuit je hart, lukt het je beter om weerstanden te overwinnen. En het belangrijkste: wederkerigheid. Als je vitaal bent, doe je makkelijker iets voor een ander dan als je kwetsbaar bent. En toch moeten we het voor een belangrijk deel samen doen. De tijd dat je alles kon oplossen met professionele zorg is voorbij.”
Ook tegen eenzaamheid
Willemijn benadrukt dat het eerste doel van een voorzorgcirkel niet is om de professionele zorg te ontlasten. “Het is bedoeld om de verbondenheid in de samenleving te versterken en om te zien naar elkaar. En hoewel voorzorgcirkels daar niet voor zijn bedoeld, kunnen ze een enorme bijdrage leveren aan het verminderen van de zorgvraag. Ook geloven we erin dat verbondenheid helpt tegen eenzaamheid.”
Willemijn laat een afbeelding zien van hoe een voorzorgcirkel eruit kan zien. Middenin staan twee personen: de verbinders. “Zij kunnen ook verbindingen leggen naar de professionele zorg, zoals thuiszorg, huisarts of wijkverpleging. Want een voorzorgcirkel is geen oplossing voor alles.” De grote kracht van een voorzorgcirkel is wel dat inwoners dit zelf doen. “Gemeenten en welzijnsorganisaties moeten dit niet gaan organiseren, alleen faciliteren. Zoals ruimten waar mensen elkaar kunnen ontmoeten.”
Advies: begin gewoon
Het belangrijkste advies van Willemijn is misschien wel: begin gewoon met de eerste stappen. Maar juist die eerste stappen zijn lastig. “Mensen voelen een drempel, dus niet iedereen die je benadert, wordt gelijk enthousiast. Dat is spannend in het begin, want niemand voelt zich graag afgewezen. Begin daarom laagdrempelig, ook als er nog maar 3 of 5 mensen meedoen. Meestal sluiten dan anderen alsnog aan. En verwacht ook niet dat er gelijk heel veel hulpvragen worden gesteld. Het begint met elkaar ontmoeten en leren kennen, pas daarna durven we de ander iets te vragen.”
Aan de slag met het Werkblad
Na een korte pauze gaan de deelnemers aan de slag met het Werkblad Voorzorgcirkels. Iedereen denkt na over 4 vragen: Wat is de volgende stap die je wilt zetten? Wie of wat heb je daarvoor nodig? Hoe maak je gebruik van wat er al is? En: welke vragen heb ik daarbij? In kleine groepjes praten de deelnemers daarover door. Mensen denken met elkaar mee en geven elkaar tips.
Uit de rondvraag blijkt dat dit al het nodige heeft opgeleverd. Een vrouw was ook twee maanden daarvoor bij een training geweest. “Na de bijeenkomst hebben we met z’n tweeën de koppen bij elkaar gestoken. We printten folders [zie nlzve.nl] en bezorgden die bij 19 adressen. Er meldden zich 25 mensen aan. Afgelopen dinsdag hadden we een bijeenkomst, waarbij zich gelijk 11 adressen opgaven en 6 adressen nog wat vragen hadden. Dus ik denk dat we 2 voorzorgcirkels kunnen maken.”
“Het begint ermee dat je elkaar leert kennen”
Na de bijeenkomst spreken we Ali en Peter de Jonge uit Hattem. “In Hattem zijn ‘Goed ouder worden’-bijeenkomsten geweest. Daaruit vormde zich een kerngroep waarin ik ook zit. Het idee van de voorzorgcirkels sprak me gelijk aan. Door alle veranderingen is het belangrijk naar elkaar om te zien. We gaan elkaar nog hard nodig hebben, ook met al die onrust in de wereld.”
Ali heeft al een idee wat de volgende stap gaat zijn: “Ik ga het samen met mijn buurvrouw doen. Samen hebben we al eens een Burendag georganiseerd. We gaan folders verspreiden en mensen uitnodigen. Verder hebben we een Koffievlag besteld. Bij het huis waar de vlag hangt, kun je koffiedrinken. Het begint ermee dat je elkaar leert kennen zodat er een vertrouwensband ontstaat.”
Natuurlijk vindt Ali het spannend. “Je bent toch wat onzeker over hoe het wordt ontvangen. Je moet mensen met open vizier benaderen, vind ik. “Na deze bijeenkomst ben ik weer extra gemotiveerd om dit aan te pakken.” Heeft ze bedacht wat ze zelf zou kunnen betekenen? “Mijn hobby is koken, dus misschien kan ik daar iets mee. En ik ben wijkverpleegkundige geweest, dus daarin kan ik ook iets betekenen. Verder zie ik wel wat er op mijn pad komt. Dat kun je vooraf niet allemaal bedenken.”
Ook meedoen aan een Atelier voorzorgcirkels? Kijk op krachtig-ouder-worden.nl voor de actuele data. Op www.nlzve.nl vind je praktijkvoorbeelden en praktische hulpmiddelen zoals een folder en illustraties.